God vergeldt ieder ‘naar zijn werken’

Derek Prince
*First Published: 2006
*Last Updated: maart 2026
3 min read
Het tweede principe is dat God oordeelt ‘naar werken’. In Romeinen 2:6 zegt Paulus dat God:
...ieder vergelden zal naar zijn werken.
Petrus herhaalt dit principe in 1 Petrus 1:17:
...Vader... Die zonder aanzien des persoons naar ieders werk oordeelt.
En in het verslag van het laatste oordeel in Openbaring 20:12 lezen we:
...En de doden werden geoordeeld overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, overeenkomstig hun werken.
We mogen ons voorstellen, dat er van het hele leven van ieder menselijk wezen in de hemel een individueel boek of ‘video’ wordt bewaard. God bewaart in de hemel in een speciaal ‘boek’, of een speciale rol, het complete en feilloze verslag van ieders hele leven. Aan de hand van dit verslag van zijn werken, zal iedereen op zekere dag geoordeeld worden.
We moeten er echter voor waken dat de betekenis van het woord ‘werken’ niet slechts beperkt blijft tot uiterlijke daden, zoals andere menselijke wezens die kunnen zien. De hele Bijbel toont duidelijk aan dat God in Zijn beoordeling van de mens niet alleen afgaat op uiterlijke daden, maar ook op de diepste en meest geheime gedachten, impulsen en motieven van het hart.
In Romeinen 2:16 spreekt Paulus over die dag
...op de dag wanneer God de verborgen dingen van de mensen zal oordelen door Jezus Christus.
Diezelfde gedachte brengt Paulus naar voren in 1 Korinthiërs 4:5, waar hij zegt:
Oordeel daarom niets vóór de tijd, totdat de Heere komt. Hij zal ook wat in de duisternis verborgen is aan het licht brengen, en de voornemens van het hart openbaar maken. En dan zal ieder van God lof ontvangen.
Deze zelfde waarheid staat in feite ook in de openbaring dat het oordeel door het Woord van God zal plaatsvinden, want we lezen in Hebreeën 4:12–13:
Want het Woord van God is levend en krachtig en scherper dan enig tweesnijdend zwaard en het dringt door tot op de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt de overleggingen en gedachten van het hart. En er is geen schepsel onzichtbaar voor Hem, maar alles ligt naakt en ontbloot voor de ogen van Hem aan Wie wij rekenschap hebben af te leggen.
We zien daarom dat Gods registratie van de daden van de mensen niet alleen hun uiterlijke, zichtbare handelingen bevat, maar ook hun diepste overleggingen en bedoelingen, de diepste motivaties en impulsen van hun hart en hun gedachten. In deze alomvattende betekenis zal Gods beoordeling van de mens zijn ‘naar hun werken’.
*Prayer Response
Almachtige, hemelse Vader, maakt U mij voortdurend bewust van Uw leiding mijn leven, en uw sturing die mij doet wandelen in de werken die U al voor mij heeft voorbereid. Laat mij in dit opzicht ook een levende, actieve getuige zijn van Uw leiding en werk, in de levens van broers en zusters om mij heen. Amen.
Code: WD-B052-328-NLD